Kiezers zijn het eens over wat er anders moet, niet over hoe (deel I)

Nederlandse kiezers willen meer samenwerking van politieke partijen om op gepolariseerde thema’s problemen aan te pakken. Er bestaat een brede behoefte om immigratie, inkomensverschillen en CO2-uitstoot in te perken. Over het terugdringen van migratie is onder kiezers de meeste overeenstemming. Zo blijkt uit onderzoek van I&O Research in opdracht van de Volkskrant.
04 november 2023 | Peter Kanne & Maartje van de Koppel

Dat Nederland gepolariseerd is op belangrijke thema’s, is bekend. In opdracht van de Volkskrant onderzocht I&O Research vier grote thema’s voor de aankomende verkiezingen: klimaat, stikstof, immigratie & asiel en inkomen, armoede & bestaanszekerheid. We gingen op zoek naar de verschillen in de opvattingen van kiezers, maar vooral ook naar de overeenkomsten. Met als uitgangspunt de vraag: ‘Maar waar zijn we het dan wel over eens?’

Vandaag publiceert de Volkskrant twee verhalen over dit onderzoek: over het overkoepelende beeld en over immigratie. De komende weken volgen publicaties over klimaat en stikstof. Op onze website publiceren we gelijktijdig de delen van het rapport over de desbetreffende thema’s.

Het onderstaande artikel vat het overkoepelende beeld uit het onderzoek samen. Hier kunt u lezen hoe Nederlanders denken over immigratie.

Terugdringen immigratie en inkomensongelijkheid belangrijkste wens kiezers

Van deze vier kwesties houden immigratie en inkomensongelijkheid de mensen in het land het meest bezig.

Maar liefst 65 procent vindt dat een volgend kabinet meer moet doen aan het terugdringen van immigratie (46% vindt zelfs ‘veel meer’) en 64 procent zegt dit over het terugdringen van de inkomensverschillen. Het terugdringen van CO2-uitstoot (44%), het verbeteren van de asielopvang (40%) en het verminderen van de stikstof-uitstoot (39%) volgen op gepaste afstand, maar per saldo wil men eerder dat dit wel dan niet gebeurt.

Drie stromenland

Op basis van een latente klassenanalyse (gericht op meningen over de vier hoofdthema’s) zien we drie min of meer gelijke groepen ontstaan. Het ‘Gematigde Midden’ beslaat ruim een derde van de bevolking. Deze kiezers willen immigratie en ongelijkheid verminderen maar staan gematigd in de klimaat- en stikstofdiscussie. De VVD is hier de meest populaire partij, gevolgd door NSC, CU en CDA.

Een ander derde deel noemen we de ‘Progressieve Oppositie’. Zij vinden dat er gestreden moet worden tegen klimaatverandering en ongelijkheid, ze willen immigratie overwegend ook beperken maar minder strikt dan de andere groepen, asielopvang willen ze verbeteren. GroenLinks-PvdA is hier de grootste partij, maar ook op PvdD, D66 en Volt wordt gestemd.

De derde groep is de ‘Conservatieve Oppositie’, drie op tien vallen onder dit segment. Voor hen is het terugdringen van immigratie het belangrijkst, gevolgd door het aanpakken van inkomensongelijkheid. Klimaat- en stikstofbeleid willen ze afzwakken of zelfs helemaal mee stoppen. De PVV is hier de belangrijkste partij, maar ook NSC en BBB komen in aanmerking.

A.u.b. meer samenwerking…

Het vertrouwen in de politiek is nog steeds erg laag, maar liefst 83 procent vindt dat de politiek teveel met zichzelf bezig is, in plaats van met het oplossen van de grote problemen van de mensen in het land. Bijna driekwart wil dat politieke partijen en lijsttrekkers meer de samenwerking zoeken.

…om immigratie, inkomensverschillen en CO2-uitstoot te beperken

Inhoudelijk is er brede consensus over immigratie, inkomensverschillen, CO2- en stikstofuitstoot: ruime meerderheden vinden dat dit moet worden beperkt.

Immigratie. Internationale vluchtelingenverdragen worden onderschreven, humane opvang is nodig, maar men is het er grotendeels over eens dat Nederland de aantallen die jaarlijks ons land in komen niet aankan. Men wil het liefst alleen ‘échte vluchtelingen’ opvangen, arbeidsmigratie blijft nodig, maar bij voorkeur alleen voor de bouw en land- en tuinbouw. Niet voor de zorg. Men heeft er geen begrip voor dat statushouders voorrang krijgen bij het toewijzen van sociale huurwoningen en ook andere aanspraken van migranten en asielzoekers moeten worden beperkt.

Met betrekking tot inkomen en armoede vinden Nederlanders dat de sterkste schouders de zwaarste lasten moeten dragen, wat voor velen betekent: bedrijven moeten zwaarder belast worden en de rijksten moeten meer afdragen aan de armen. Relatief vaak relateren kiezers hun mening over inkomenspolitiek aan immigratie. Een respondent: “De werkende Nederlander draait op voor de kosten. Asielzoekers participeren niet of mogen niet. Participeren moet om de kosten te dragen. Misschien hard maar Nederland buigt genoeg. Eigen volk komt niet meer op 1e plaats.”

Ook maakt een ruime meerderheid zich zorgen over klimaatverandering. Weinigen trekken in twijfel dat de mens verantwoordelijk is voor de opwarming van de aarde en driekwart vindt dat het ambitieuze klimaatbeleid van Rutte IV moet worden voortgezet of zelfs geïntensiveerd. Eveneens driekwart vindt dat bedrijven meer moeten betalen voor hun bijdrage aan de CO2-uitstoot. Echter, bij veel concrete maatregelen trappen Nederlanders op de rem, het mag burgers financieel niet te veel pijn doen. Zo vindt twee derde dat de benzineprijzen niet mogen stijgen en is er sterke verdeeldheid over het verhogen van de prijs van vlees en vliegtickets. Dit is niet alleen een kwestie van ‘onwil’: onder de laagste inkomens zegt de helft door duurzaamheidsmaatregelen financieel in de knel te komen.

De uitstoot van stikstof houdt de gemoederen aanzienlijk minder bezig. Driekwart zegt zich er desgevraagd wel zorgen over te maken, maar de een is bang voor wat stikstof doet met flora en fauna, de ander vindt vooral de gevolgen voor de woningbouw zorgelijk en een derde bekommert zich om de positie van de boeren. De helft vindt weliswaar dat de veestapel moet krimpen (29% vindt van niet), maar dat mag niet gedwongen. Men is van mening dat de veehouderij nu al onevenredig wordt belast. Op de vraag hoe stikstof dan wel kan worden teruggedrongen wordt het vaakst gerekend op innovatieve landbouwtechnieken.

Verdeeldheid over snelheid stikstofbeleid

Desalniettemin zeggen twee op drie Nederlanders het stikstofbeleid van Rutte IV op z’n minst te willen voortzetten. Wel is er grote verdeeldheid over hoe snel de stikstofuitstoot moet worden teruggebracht. In het regeerakkoord van Rutte IV stond dat de stikstofuitstoot rondom gevoelige natuur in 2030 met de helft moest zijn afgenomen. Eén op tien vindt dat het nog sneller moet, 28 procent pleit ervoor vast te houden aan 2030. Maar de grootste groep (35%) vindt dat het ook in 2035 of later gerealiseerd mag worden. Een vijfde vindt dat een volgend kabinet helemaal moet stoppen met het stikstofbeleid.

Onderzoeksverantwoording

I&O Research voerde dit onderzoek uit in opdracht van de Volkskrant. Het onderzoek vond plaats van maandag 2 tot dinsdag 10 oktober 2023. In totaal werkten 1.959 Nederlanders van 18 jaar of ouder mee aan dit onderzoek.  De steekproef is volledig getrokken in het I&O Research Panel. In hoofdstukken 3 t/m 6 worden soms stellingen gerapporteerd die aan de helft van de steekproef zijn voorgelegd (omdat de vragenlijst anders te lang zou worden). Ook deze steekproef is representatief voor de Nederlanders 18+.

We vertellen u graag nog veel meer over Ipsos I&O.


Neem contact op

afbeelding

Peter Kanne

Senior onderzoeksadviseur

afbeelding

Maartje van de Koppel

Onderzoeker

Willen weten...
Herkent u zich daarin? Schrijf u in voor onze nieuwsbrief

  • Dit veld is bedoeld voor validatiedoeleinden en moet niet worden gewijzigd.