De VVD levert in de I&O-zetelpeiling van december 4 zetels in en komt op 29 zetels, de laagste stand in de I&O-peiling sinds juli 2019. Samen halen de (aanstaande) coalitiepartijen nog 61 (virtuele) zetels, waar dat er in april nog 79 waren.

I&O-zetelpeiling: VVD levert 4 zetels in; coalitie op -17

In de I&O-zetelpeiling die liep van 3 tot 6 december levert de VVD 4 zetels in en komt op 29 zetels. Daarmee is de VVD nog wel de (virtueel) grootste partij, maar het is de laagste stand in de I&O-peiling sinds juli 2019.
D66 wint drie zetels terug en komt op 18 zetels, nog wel steeds 6 minder dan in maart dit jaar. De opmars van Volt (nu 10 zetels), BBB (9 zetels) en JA21 (8 zetels) zet door. De ChristenUnie levert er juist 3 in: van 8 naar 5 (gelijk aan maart 2021).

(Aanstaande) coalitie op 61 zetels, min 17 t.o.v. maart dit jaar

Opvallend is dat drie coalitiepartijen (VVD, D66, CDA) op verlies staan ten opzichte van de Tweede Kamerverkiezingen van maart dit jaar (CU stabiel), waarmee de (aanstaande) coalitiepartijen samen nog maar (virtueel) 61 zetels zouden halen, waar dat er in april nog 79 waren. (Een demissionair kabinet waar op dit moment 61 procent van de kiezers niet (erg) tevreden over is.) De verloren zetels komen bijna geheel ten goede aan de nieuwe, ‘kleinere’ partijen, met name Volt, BBB en JA21.

Waarom verliest de VVD stemmen?

De VVD verliest dus vier zetels ten opzichte van november, vijf ten opzichte van maart 2021 en komt op 29 zetels. De VVD verliest stemmen aan Volt, JA21, BBB en PVV en in mindere mate aan CDA, D66, SP en BVNL.

Waarom stappen deze kiezers over? We stelden deze vraag open aan degenen die de VVD op dit moment inruilen voor een andere partij

Formatie duurt te lang; ‘zwabberend’ beleid dat niet overeenkomt met beloften
Aangezien de VVD stemmen kwijt zou raken aan rechtse (JA21, BBB en PVV) en links-progressieve of linkse partijen (Volt, D66, SP) zijn ook de argumenten anders. De gemene deler is echter dat veel mensen de formatie te lang vinden duren en dat ze de VVD niet eerlijk vinden onderhandelen. En men noemt het ‘zwabberende’ beleid van de VVD. Aan beide kanten komen we kiezers tegen die zeggen dat ze op de VVD hebben gestemd vanwege de coronacrisis (leiderschap van Rutte), maar nu meer naar inhoudelijke onderwerpen kijken (klimaat, zorg, Europa) óf niet meer tevreden zijn over dat coronaleiderschap.

Ook wordt er meerdere keren gezegd dat er verschil zit tussen wat de VVD bepleitte in de verkiezingscampagne en wat het nu doet (of: lijkt te gaan doen). Overigens worden de uitgelekte plannen (het treindocument van Segers) nergens expliciet genoemd. 

Opvallend is verder dat de coronapas, 2G of zaken rondom het vaccineren ook niet genoemd worden als reden om de VVD de rug toe te keren.

Rechtse kiezers: VVD schuift te veel op naar links  
Veel kiezers die overstappen naar JA21, BBB en PVV vinden de VVD te veel opschuiven naar links. Kiezers die dat vinden met betrekking tot vluchtelingen en migratie stappen vaak over naar JA21. Ook het ‘weggeven van tradities’ wordt de VVD aangewreven. De winst van BBB – ten koste van de VVD – komt vooral door de ‘duidelijkheid’ van Caroline van de Plas, die ‘als enige opkomt voor de boeren’.

Een kiezer die overstapt naar JA21:
“Het migratiebeleid van JA21 spreekt me aan. Dit is beter dan bij de VVD. Wat me bij de VVD minder aanspreekt is dat er een grote discrepantie zit tussen hun standpunten in de verkiezingen en het uiteindelijke beleid.”

Links/progressieve kiezers: gebroken beloften en liever ‘nieuw elan’
Kiezers aan de links/progressieve kans zijn of teleurgesteld in of uitgekeken op de VVD en Mark Rutte. Er wordt gesproken over gebroken beloften, leugens, te veel hang naar macht en “Hun Mea culpa heb ik wat teveel gehoord.” Degenen die ‘nieuw elan’ willen komen nu vooral uit bij Volt, waarbij de Europese dimensie van belang is.

Een kiezer die overstapt naar Volt:
“VVD weet volgens mij zelf niet eens meer waar het voor staat. Regeert met list en bedrog en doet er alles aan om maar te regeren. Volt is jong en fris, als tegenreactie.”

Urgente problemen: woningen, zorg en klimaatverandering

De top drie thema’s die door het volgende kabinet – als het aan alle kiezers ligt – met voorrang moeten aangepakt zijn: betaalbare woningen, de gezondheidszorg en het tegengaan van klimaatverandering & stikstofuitstoot. Het aanpakken van de coronacrisis is terug van weggeweest (van 12% in september naar 26% nu). Klimaatverandering wordt daarentegen nu minder vaak genoemd dan drie maanden geleden (van 34 naar 27%).

Waardering belangrijkste coalitieleiders t.o.v. maart fors lager

Pieter Omtzigt, die eerder dit jaar het CDA verliet, wordt nog steeds veruit het best gewaardeerd: nu met een 7,1. Daarna volgen de leiders van nieuwe en (relatief) kleine partijen, die duidelijk op winst staan: Laurens Dassen (Volt, 6,3), Caroline van der Plas (BBB, 5,7). Wel zijn zij nog steeds relatief onbekend: Laurens Dassen bij 25 procent, Caroline van der Plas bij 59 procent.

Van de leiders van de coalitiepartijen zijn Segers (5,5) en Rutte (5,4) nu stabiel, waarbij Rutte ten opzichte  van maart dit jaar bijna een vol punt inleverde (toen: 6,3) en ten opzichte van juli vorig jaar twee punten (toen: 7,3). De gemiddelde waardering voor Sigrid Kaag is ook stabiel ten opzichte van oktober (nu een 4,7), maar ook zij leverde flink aan populariteit in ten opzichte van maart dit jaar (6,1) en midden vorig jaar (6,6). Zij scoort nu het laagst van de vier coalitieleiders. Ook de vierde coalitieleider – Wopke Hoekstra – wordt niet zeer hoog gewaardeerd: een 4,9.

De waardering voor het andere CDA-kopstuk – Hugo de Jonge – is met een 5,1 beduidend lager dan de 6,6 die hij een jaar geleden haalde (toen hij nog lijsttrekker was), maar daarmee scoort hij wel nipt hoger dan zijn politiek leider.

Onderzoeksverantwoording

Dit onderzoek vond plaats van vrijdag 3 tot maandagochtend 6 december.

In totaal werkten 2.053 Nederlanders van 18 jaar of ouder mee aan dit onderzoek. Het grootste deel van de steekproef (n=1.847) is afkomstig het I&O Research Panel, 206 respondenten deden mee via PanelClix. Dit zijn allen Nederlanders met een niet-westerse migratie-achtergrond. In totaal werkten 265 Nederlanders met een niet-westerse migratie-achtergrond mee aan het onderzoek (gewogen: 267). 

Het volledige rapport

Klik hier om het volledige rapport te downloaden (opent in ander tabblad).

We vertellen u graag nog veel meer over I&O Research.


Neem contact op

afbeelding

Peter Kanne

Senior onderzoeksadviseur

Blijf op de hoogte, schrijf u in voor onze nieuwsbrief

  • Dit veld is bedoeld voor validatiedoeleinden en moet niet worden gewijzigd.