Het Keurmerk Veilig Ondernemen (KVO) is al enige tijd een beproefd hulpmiddel voor ondernemers, gemeente en politie om de veiligheidssituatie op bedrijventerreinen en in winkelgebieden te verbeteren. Het keurmerk gaat uit van een intensieve samenwerking en heldere doelstellingen waarop betrokkenen elkaar kunnen afrekenen. Het tot stand brengen van samenwerkingsrelaties tussen betrokkenen blijkt een belangrijke meerwaarde […]

Het succes van het Keurmerk Veilig Ondernemen

Het Keurmerk Veilig Ondernemen (KVO) is al enige tijd een beproefd hulpmiddel voor ondernemers, gemeente en politie om de veiligheidssituatie op bedrijventerreinen en in winkelgebieden te verbeteren. Het keurmerk gaat uit van een intensieve samenwerking en heldere doelstellingen waarop betrokkenen elkaar kunnen afrekenen. Het tot stand brengen van samenwerkingsrelaties tussen betrokkenen blijkt een belangrijke meerwaarde te zijn van het KVO. Belangrijk hierbij is dat de gemeente, politie en ondernemers voor zichzelf meerwaarde zien van de deelname aan het project. Verder blijkt ook een scherp inzicht in de problematiek een belangrijke rol te spelen bij het op één lijn krijgen en houden van betrokkenen. Dit blijkt uit de ervaringen van de gemeente Enkhuizen die onlangs de effectmeting door I&O Research liet uitvoeren.

Inzicht in de uitgangssituatie

Tal van KVO-projecten kennen een moeizame aanloopfase. Zelfs bij de meest succesvolle projecten staan niet alle partijen bij start direct al op één lijn. Betrokkenen hebben een verschillend beeld van de aard en de omvang van de problematiek en mede daardoor ook een ongelijke ‘sense of urgency’ om de veiligheid in een gebied aan te gaan pakken.
Soms is er sprake van onderschatting of zijn er grote verschillen in de mate waarin ondernemers met criminaliteit en overlast te maken hebben. Zo kan de overlast van bijvoorbeeld hangjongeren zich in sterke mate in een bepaald deel van een winkelgebied voordoen terwijl andere ondernemers er nauwelijks last van hebben. Het is dan van belang voor een zo groot mogelijke groep duidelijk te maken dat zij ook baat hebben bij een gecoördineerde aanpak. Eén van de eerste stappen op weg naar het keurmerk is dan ook te zorgen voor een betrouwbaar en objectief beeld van de uitgangssituatie door middel van een nulmeting. Uit zo’n nulmeting komt duidelijk naar voren wat de omvang van het problematiek en wie daar in meerdere of mindere mate last van hebben. Een goede inventarisatie van de problemen die zich in het gebied voordoen kan een aantal partijen over de streep trekken.
Een scherp beeld van de feitelijke situatie is echter zeker geen garantie voor een vliegende start van het project. Het kan zelfs remmend werken, zo bleek enkele jaren geleden in de gemeente Enkhuizen. De nulmeting op een tweetal bedrijventerreinen in de gemeente gaf een relatief gunstig beeld te zien van de veiligheidssituatie. Om die reden had een deel van het bedrijfsleven aanvankelijk aarzelingen tijd, geld en energie in het project te stoppen. En ook bij de andere partijen bestond twijfel: er waren weinig problemen dus kon men zich niet beter op iets anders richten? Uiteindelijk heeft de gemeente in samenwerking met politie en de ondernemersfederatie toch doorgezet en is men er in geslaagd de meeste ondernemers mee te krijgen. Cruciaal daarbij is dat ondernemers zich bewust zijn van de voordelen voor de eigen bedrijfsvoering en ook bereid zijn op collectieve basis zaken voor hun bedrijfsomgeving te regelen.

Resultaten op gebied van preventie, samenwerking en veiligheidsbeleving

Vier jaar later blijkt het KVO in de gemeente Enkhuizen een succes. Voor de bedrijventerreinen Krabbersplaat en Schepenwijk en het winkelhart is een certificaat verkregen. En belangrijker; er blijken ook positieve effecten te zijn. Zo is de beleving van de veiligheid onder ondernemers toegenomen: men voelt zich in en rond het bedrijf veiliger dan een aantal jaren geleden. Dit grotere gevoel van veiligheid komt volgens betrokkenen voor een belangrijk deel voort uit de zekerheid dat er tegenwoordig iets met de meldingen en aangiften wordt gedaan. Het aantal aangiften en meldingen van misdrijven is overigens niet gedaald. Dat is op zichzelf ook niet zo vreemd omdat een van de doelen van het keurmerk juist is de aangifte en meldingsbereidheid te vergroten. Uit de ondernemersenquête die onlangs op de bedrijventerreinen en in het winkelhart van Enkhuizen is uitgevoerd, blijkt dat de mate waarin ondernemers slachtoffer zijn van verschillende vormen van criminaliteit in de afgelopen jaren stabiel is gebleven of is gedaald. Ook op het gebied van preventie zijn resultaten geboekt. Het aantal bedrijven dat preventieve maatregelen neemt is gegroeid. Zo zijn er meer bedrijven die het pand en/of de buitengevel ’s avonds verlichten, meer bedrijven beschikken over een inbraaksignalerings- of alarmsysteem en de deelname aan collectieve beveiliging is sinds 2003 sterk toegenomen.

Korte lijnen en aanspreken op gedrag

De resultaten zijn te danken aan een pakket van maatregelen en intensievere samenwerking tussen de veiligheidspartners en het bedrijfsleven. En daarmee komen we op een tweede belangrijke meerwaarde van het KVO. Mede door de inspanningen om het keurmerk te verkrijgen zijn de samenwerkingsrelaties sterk verbeterd. De lijnen tussen gemeente, politie, brandweer, ondernemers en hulpverleningsinstellingen zijn niet alleen korter geworden, maar op uitvoerend niveau ook een stuk informeler. De bereidheid van de samenwerkingspartners om samen te werken en elkaar te informeren is sterk toegenomen. Alle meldingen incidenten die de samenwerkingspartners binnen krijgen, worden iedere dag aan elkaar doorgegeven en besproken. Dit leidt tot een bredere en meer gerichte aanpak. Bovendien krijgt met name de gemeente steeds meer mogelijkheden voor handhaving, onder meer door de inzet van bevoegde opsporingsambtenaren (Boa). Belangrijke winst is ook dat ondernemers minder naar de overheid kijken waar het gaat om de veiligheid van hun bedrijfsomgeving. Ze nemen hun eigen verantwoordelijkheid en spreken elkaar onderling aan op hun gedrag. Zo zijn er voorbeelden van onveilige situaties op het terrein, bijvoorbeeld rond de opslag van brandgevaarlijk materiaal, die door de ondernemers onderling worden opgelost zonder dat politie of brandweer daar aan te pas komt.

Individuele versus collectieve belangen

Niettemin komen er uit het onderzoek ook enkele verbeterpunten naar voren. Ondanks de gestegen deelname aan collectieve maatregelen doet zich in Enkhuizen ook het fenomeen van de zogeheten ‘freeriders’ voor. Deze groep geniet wel de lusten van bijvoorbeeld collectieve beveiliging, maar is niet bereid in de kosten daarvan bij te dragen. Het probleem van de freeriders is op te lossen door dwingende maatregelen op te leggen, bijvoorbeeld via lokale belastingen om de ondernemers zo te dwingen mee te doen. Een andere methode is het verbreden van het pakket door in het collectieve arrangement bijvoorbeeld ook promotionele activiteiten van een bedrijventerrein of winkelgebied op te nemen. Ondernemers die geen belang hechten aan beveiligingsmaatregelen, zijn wellicht wel geïnteresseerd in deelname aan gemeenschappelijk promotieactiviteiten. Zo kunnen meer ondernemers op hun eigen individuele belang worden aangesproken en de collectieve belangen ondersteunen.

Toekomst

Gezien de successen is er alle aanleiding om verder te gaan met het keurmerk. In Enkhuizen worden dan ook in nauwe samenwerking tussen gemeente, politie en ondernemers aanvullende maatregelen en nieuwe projecten ontwikkeld om de veiligheid verder te verbeteren. Hierbij komen de inmiddels gerealiseerde samenwerkingsrelaties tussen de partijen goed van pas. Op die lijn doordenkend zou je kunnen zeggen dat het KVO in de toekomst wellicht het slachtoffer gaat worden van het eigen succes. Een belangrijke meerwaarde van het KVO was het tot stand brengen van samenwerkingsrelaties. Zodra die samenwerking functioneert en tot zichtbare resultaten leidt, wordt behoud van het certificaat mogelijk steeds minder belangrijk en meer en meer een formele kwestie.

Blijf op de hoogte, schrijf u in voor onze nieuwsbrief

  • Dit veld is bedoeld voor validatiedoeleinden en moet niet worden gewijzigd.