Tien jaar geleden werd in nagenoeg elke Nederlandse gemeente restafval en groente-, fruit- en tuinafval (GFT) aan straat gezet. Glas en textiel werd naar inzamelcontainers gebracht en papier door verenigingen verzameld. Grofvuil, kleine elektrische apparaten en klein chemisch afval werd naar een afvalbrengstation gebracht. De afvalwereld is echter al jaren in beweging.

Een op de acht Nederlanders zamelt afval omgekeerd in

Tien jaar geleden werd in nagenoeg elke Nederlandse gemeente restafval en groente-, fruit- en tuinafval (GFT) aan straat gezet. Glas en textiel werd naar inzamelcontainers gebracht en papier door verenigingen verzameld. Grofvuil, kleine elektrische apparaten en klein chemisch afval werd naar een afvalbrengstation gebracht. De afvalwereld is echter al jaren in beweging.

Uit onderzoek van I&O Research, in opdracht van Binnenlands Bestuur, blijkt dat een op de acht Nederlanders restafval inmiddels naar de inzamelcontainers brengt: het zogenaamde omgekeerd inzamelen. GFT, papier en plastic worden opgehaald, restafval moet worden weggebracht. Zo ontstaat er een extra prikkel om afval goed te scheiden. Het aan de straat zetten van papier en plastic is een trend die in nog veel meer gemeenten zichtbaar is, ook wanneer zij niet omgekeerd inzamelen. Meer dan de helft van de Nederlanders zet deze tegenwoordig papier en plastic aan de straat.

Daarnaast is er een andere trend zichtbaar: DIFTAR, oftewel gedifferentieerde tarieven. Meer dan een op de zes inwoners weet dat zij via deze methodiek betalen voor de hoeveelheid restafval die zij produceren. Hoewel de precieze kosten bij de helft van deze groep niet bekend zijn, is het effect duidelijk zichtbaar. Nederlanders die betalen voor hun restafval scheiden met name plastic en GFT-afval beter dan Nederlanders die deze financiële prikkel niet hebben. Het oordeel over de kosten verschilt sterk, waarbij met name opleidingsniveau een rol lijkt te spelen. Hoger opgeleiden zien de kosten vaker als acceptabel (60%) dan lager opgeleiden (39%). Laatstgenoemde groep ziet ook minder noodzaak tot afvalscheiding, omdat de meerwaarde voor het milieu minder wordt erkend. Hoger opgeleiden noemen tijdgebrek als reden om niet te scheiden.

Een andere reden om afval niet te scheiden is de stankoverlast die gepaard gaat met het opslaan van met name GFT en plastic, vooral genoemd door vrouwen. Betere aanbiedmethodes (43%) en meer opslagruimte (33%) zijn dan ook de meest genoemde aandachtspunten om afvalscheiding te verbeteren, hoewel ook het steunen van goede doelen (33%) een impuls kan zijn voor betere afvalscheiding. Een op de vijf Nederlanders wil nog meer informatie over het nut van afvalscheiding. Meer afvalcontainers wordt door drie van de tien inwoners genoemd. Met name inwoners die op meer dan 500 meter afstand van een inzamelcontainer wonen ervaren een hoge drempel.

Klik hier voor het artikel in Binnenlands Bestuur van 27 februari.

We vertellen u graag nog veel meer over I&O Research.


Neem contact op

Blijf op de hoogte, schrijf u in voor onze nieuwsbrief

  • Dit veld is bedoeld voor validatiedoeleinden en moet niet worden gewijzigd.